Herhalen met de leespen

15-07-2026

"Ik mag niet naar buiten" – hoe één woordje het verschil maakt


F. zit in het tweede leerjaar en werkt voor het eerst met de leespen. Hij is meertalig (Turks-Nederlands).

Hij heeft vandaag 'echt-geen-zin-meer' om te lezen. Daarom stel ik voor om het verder met de leespen te proberen.

F. scant de zin die hij daarnet oefende:

"Ik mag niet naar buiten."

De pen leest de zin voor.

F. leest en spreekt na, maar laat opnieuw één woord weg.

Naar.

Een klein woordje, maar wel essentieel voor de betekenis van de zin.

Ik vraag hem de herhaalknop te gebruiken.

De pen leest de zin opnieuw.

F. probeert nog eens.

Ik geef hem één extra instructie:

"Luister goed naar wat de pen zegt."

Dat klinkt eenvoudig, maar voor kinderen zoals F. is het helemaal niet vanzelfsprekend om wat ze horen onmiddellijk te koppelen aan wat ze zien staan.

Hij gebruikt de herhaalknop opnieuw.

En nog eens.

Na elke herhaling leest hij de zin opnieuw.

Tot het lukt.

"Ik mag niet naar buiten."

Deze keer leest hij de volledige zin, inclusief het woordje naar.

Kleine woorden, grote stappen

Voor buitenstaanders lijkt dit misschien een klein succes.

Voor mij is het precies waar taalontwikkeling over gaat.

Niet sneller leren.

Niet harder oefenen.

Wel voldoende kansen krijgen om te luisteren, te kijken, te voelen, te begrijpen en opnieuw te proberen.

Een hulpmiddel zoals een leespen neemt het leren niet over. Ze creëert extra oefenkansen, geeft onmiddellijke auditieve feedback en laat kinderen zelfstandig herhalen zo vaak als nodig is.

En soms maakt net dat ene extra luistermoment het verschil.

Want taal groeit stap voor stap.

Soms begint vooruitgang gewoon met één woordje dat eindelijk op zijn plaats valt.

Share